Acne

Acne vulgaris is een ontsteking van de talgklierfollikel. Klinisch kunnen er comedonen, papels, papulopustels, noduli, cysten (bij ernstige vormen) en littekens te zien zijn. De afwijkingen komen voornamelijk voor op het gelaat, borst, de rug en schouders aangezien daar talgklierfollikels voorkomen.

Er zijn verschillende morfologische varianten:

  • Acne conglobata: Dit is een ernstige vorm ontstoken vorm van acne met grote papulopustels en cysten
  • Acne ectopica: Hierbij zijn er acnelaesies in de liezen, oksels (hidradenitis supperativa) en op de billen
  • ‘Acne excoriee des jeunes filles’: Bij deze vorm van acne zijn er alleen krab- en knijpeffecten zichtbaar. Dit komt vaak bij jonge vrouwen voor.

Acne treedt voornamelijk op in de pubertijd. Bij vrouwen komt het meestal voor tussen het 14de en 18de levensjaar en bij mannen tussen het 16de en 18de levensjaar. Bij 85% is het voor de leeftijd van 25 jaar verdwenen. Tussentijdse exacerbaties en remissies komen veel voor. Wanneer de acne optreedt voor de pubertijd kan er een endocriene stoornis spelen, zoals hyperandrogenisme. Dit is echter wel zeer zeldzaam.

De belangrijkste factoren die een rol spelen bij acne zijn:

  • Verhoogde talgproductie
  • Hyperkeratose van de follikeluitvoergang
  • Bacteriële kolonisatie van de huid/talgklierfollikel met proprionibacterium

Talgproductie wordt gestimuleerd door androgenen. Wanneer het talg zich ophoopt in het haarzakje samen met loskomende keratinocyten wordt er een comedo gevormd. Als de follikelmond wijder wordt door de druk ontstaat er een open comedo (blackhead). Papels en pustels ontstaan door de aanwezigheid van veel bacteriën (propionibacterium acnes) in de comedonen.

Ook uitwendige stoffen kunnen bij contact met de huid acne veroorzaken of verergeren (acne venenata) zoals o.a. gechloreerde koolwaterstoffen (isolatiemateriaal, insecticiden), minerale oliën en vetten voorkomend in cosmetica en in de petrochemische industrie, teer, corticosteroiden, anti-epileptica, orale anticonceptiva, halogeen en hormonale groeiremmers.

De diagnose wordt gesteld op klinisch beeld waarbij de aanwezigheid van comedonen van belang is. Eventueel kan er een bacteriële kweek afgenomen worden om een bacteriële folliculitis uit te sluiten indien er geen comedonen aanwezig zijn.

Differentiaal diagnostisch moet er gedacht worden aan: Rosacea, dermatitis perioralis, demodexfolliculitis, milia en Pityrosporum-folliculitis

Behandeling

Benzylperoxide is in principe het middel van eerste keus. Dit middel werkt keratolytisch, bacteriostatisch en zorgt voor een verminderde talgproductie. Nadelen zijn wel dat het wat huidirritatie kan geven. Daarnaast geeft het bleke vlekken op kleding en er kan een contactovergevoeligheid ontstaan. Pas na 3 maanden is het effect zichtbaar.

Als tweede optie kan een vitamine A zuur (0.05-0.1%) (tretinoïne, adapalene) gegeven worden. Deze middelen zijn met name geïndiceerd bij comedonen. Ze zorgen ervoor dat de abnormale verhoorning van de follikeluitgang behandeld wordt. In het begin van de behandeling ontstaat  er vaak huidirritatie.

Indien benzylperoxide en vitamine A zuur niet effectief zijn kan er lokale antibiotica gegeven worden (erytromycine of clindamycine). Dit kan dan het best gecombineerd worden met benzoylperoxide of vitamine A zuur en adapaleen.

Bij ernstige therapieresistente acne kan er ook nog gekozen worden voor systemische antibiotica. Er kan dan gekozen worden voor minocycline, tetracycline of doxycycline. Verbetering treedt soms pas na enkele weken op. De maximale therapieduur is 6 maanden in verband met resistentie. Tijdens het gebruik van deze middelen kan er sprake zijn van zonlicht overgevoeligheid en verminderd effect van orale anticonceptiva. Tijdens de zwangerschap mogen deze middelen niet gebruikt worden iverband met mogelijke afwijkingen bij de foetus.

Bij vrouwen die tevens een anticonceptie wens hebben kunnen er anti-androgenen gegeven worden. Oestrogenen zorgen voor een verminderde talgproductie omdat ze zorgen voor de remming van androgenen. Een 50mg ethinylestradiol bevattende pil vermindert de talgklierproductie met 40% waardoor er een duidelijk klinische verbetering van acne is. Er kan gekozen worden voor de microgynon 30 of de Diane-35 pil. Bij mannen wordt dit niet gebruikt omdat de voordelen niet opwegen tegen de nadelen van de systeemtherapie (libidoverlies, gynaecomastie).

Indien er sprake is van ernstige acne die niet reageert op bovenstaande therapie kan er gekozen worden voor isotretinoine  (roaccutane) in orale toedieningsvorm. Dit middel is verwant aan vitamine A zuur en heeft een stimulerend effect op de productie van de huidcellen. Deze worden sneller vernieuwd waardoor er minder snel verhoorning van de follikeluitgang ontstaat. Daarnaast vermindert het ontstekingen in de huid en zorgt het ervoor dat er minder talg aangemaakt wordt. Dit middel is teratogeen en het is dus belangrijk dat vrouwen goede anticonceptie hebben wanneer er voor dit middel gekozen wordt. Andere bijwerkingen kunnen zijn: droge mond en ogen, leverfunctiestoornissen en stoornissen in de lipidenstofwisseling en psychiatrische verschijnselen.