Geslachtsziekten kan je oplopen door lichamelijk sexueel contact. Waarbij de mond, anus of geslachtsdelen betrokken zijn. SOA staat voor sexueel overdraagbare aandoeining. Hieronder leest u een overzicht van de meest voorkomende geslachtsziekten. Op volgorde van meest voorkomend.
Chlamydia trachomatis
Meest voorkomende SOA in NL: 60.000 per jaar. Veroorzaakt door een bacterie met incubatietijd van 1-3 weken. Meestal symptoomloos, als er klachten zijn, zijn dit vaak plasklachten, zoals waterige afscheiding of moeite met plassen (mannen), toegenomen afscheiding, branderig gevoel of pijn bij het plassen, pijn bij vrijen, abnormaal vaginaal bloedverlies of pijn in onderbuik (vrouwen).
Wie lopen het meeste kans op deze SOA:
- mannen die seks hebben met mannen (MSM)
- prostituees
- personen uit SOA-endemisch gebieden (zoalsa Afrika)
- mensen met wisselende sexuele contacten
- het hebben van een partner met een bovengenoemd risicofactor
- als je onder de 25 jaar bent
Het aantonen van deze bacterie gebeurt door middel van urine onderzoek of een wattenstaaf onderzoek.
Behandeling: Deze geslachtsziekte is te behandelen door het slikken van een antibioticum: azitromycine 1 gram eenmalig of doxycycline 2dd 100mg gedurende 7 dagen. Partner dient mee behandeld te worden! Wat gebeurt er als deze SOA niet behandeld wordt: U heeft dan kans op ontstekingen met mogelijkheid tot verminderde fertiliteit (vruchtbaarheid)
Condylomata accuminata
Anogenitale wratten, veroorzaakt door het HPV virus, ofwel het Humaan papilloma virus, meestal type 6 en 11, incubatietijd 4 weken – 8 maanden. De wratten kunnen spontaan verdwijnen, maar de kans dat de wratten terugkomen blijft aanwezig. HPV blijft aanwezig in 10-20% van de vrouwen. Niet alle mensen met dit type virus in zijn/haar bloed ontwikkelen wratten!
Mogelijke behandelingen zijn: Cremes, zoals popdofyllotoxinecreme, imiquimodcreme. Aanstippen trichlooraxijnzuur (wordt weinig gedaan). Cryotherapie, ofwel vloeibare stikstof.
Herpes genitalis: virusinfectie
Meestal veroorzaakt door het humaan simplex virus type 2, ookwel HSV-2. Als je voor het eerst dit herpesvirus oploopt (vaak op jonge leeftijd), word je vaak ziek, periode van koorts, moeheid, regionale lymfeklierzwelling, spierpijn en hoofdpijn. Vaak krijgen mensen als ze sexueel actief zijn alleen klachten van pijn en jeuk aan de schaamlippen of penis, moeilijk kunnen plassen, ontsteking van de plasbuis, vaginale afscheding bij vrouwen of penis bij mannen. Na periode van 6-7 dagen ontstaat er een blaasje met helder vocht op de huid, dit kan openbarsten, wat wonden geeft. Laesies genezen zonder littekenvorming in 7-28 dagen. Risicogroepen: mensen met een slechte/verminderde afweer (bijvoorbeeld door HIV), onveilige sexueel contact.
Diagnostiek: wordt vaak met het blote oog gezien, soms is een uitstrijk van de huid nodig voor microbiologisch onderzoek.
Behandeling: Antivirale middelen (bijvoorbeeld valaciclovir). Eventueel smeren van indrogende proidukten, zoals zinkzalf en tevens worden er vaak pijnstillers gestart.
Gonorroe: druiper
Veroorzaakt door de Neisseria gonorrhoeae bacterie. Incubatietijd 2-14 dagen. Een druiper komt vaker bij mannen (4:1) voor. Het kan een keelontsteking geven (na sex contact met de mond), plasklachten, ontsteking van de baarmoederhals, soms hoornvliesontsteking. De aandoening kan ook symptoomloos of met minimale toename van vaginale afscheding voorkomen (met bij vrouwen). Risicofactoren: MSM, prostitutie, personen uit SOA-endermisch gebied, wisselende contacten, partner uit voorgaande groepen.
Diagnostiek: als bij chlamydia.
Behandeling: Antibioticum cefriaxon 500mg eenmaalig i.m.
Trichomoniasis vaginalis
Veroorzaakt door een parasiet. Symptoomloos in 50-80%, vooral bij mannen. Bij vrouwen uit deze aandoening zich vaak als een vies ruikende groene en schuimende vaginale afscheiding, bij inwendig onderzoek wordt een frambozen aspect op de baarmoedermond gezien en is het vagina slijmvlies rood en geirriteerd. Bij mannen worden vaak ontstekingen in de schaamstreek gezien. Risicogroepen: MSM, prostitutie, personen uit SOA-endermisch gebied, wisselende contacten, partner uit voorgaande groepen.
Diagnostiek: onder de microscoop worden bij een uitstrijk van de vagina wand typische afwijkingen gezien, ook met kweek kan deze parasiet aangetoond worden.
Behandeling: Eenmalig 2 gram metronidazol slikken of 2 keer per dag 500mg metronidazol gedurende een week. Het is belangrijk dat partner meebehandeld wordt.
Syfilis (lues)
Veroorzaakt door de Treponema palidum, Deze spirocheet (ziet er onder de microscoop uit als een kurketrekker) dringt de huid binnen door kleine beschadigingen. Getlukkig wordt deze nare aandoening niet meer zo vaak als vroeger gezien. Er zijn <500 patienten per jaar in NL.
Een vroege syfflis (syphilis recens) noemen we een syfillis waarbij de infectie korter dan <1 jaar is opgelopen. Een vroege lues is besmettelijk.
Men spreekt van een late syfilis (syphilis tarda) bij een infectieduur >1 jaar. Deze syflilis is niet meer besmettelijk.
Een syfillis kan in verschillende stadia gediagnosticeerd worden:
- 1e stadium: Binnen 3 weken na het oplopen van deze infectie ontstaat er een zweer in de genitaal streek/rond de mond die pijnloos is. Dit geneest doorgaans binnen 3-6 weken
- 2e stadium: Door verspreiding via het bloed en vermenigvuldiging van de bacterie in de weefsels ontstaat het 2e stadium meestal 3-10 weken na het zweertje. Mensen krijgen dan koorts, moeheid, gewichtsverlies, spierpijn, gewrichtspijn en huidafwijkingen, zoals ronde plekken in de handpalmen, voetzolen, platte genitale wratjes.
- 3e stadium: Vroege latente syfilis: Na 3-12 weken kunnen verschijnselen spontaan verdwijnen. Binnen 1e jaar kan een recidief optreden.
Late latente fase: door reactie immuunsysteem zijn nog weinig bacteriën in het lichaam aanwezig. Geen huidafwijkingen meer. 66% blijft in deze fase en er treedt geen klaring van alle bacterien op. Verschijnselen hierbij: verharde dikke plekken en zweren in de huid, hartproblemen en problemen in de hersenen.
Risicogroepen: MSM, prostitutie, wisselende contacten, partner uit voorgaande groepen.
Diagnostiek: bloedonderzoek, donkerveldmicroscopie van vocht uit huidlaesies, soms is een huidbiopt nodig.
Behandeling: Bij vroege syfilis eenmalige injectie in de spier van benzathinebenzylpenicilline (een antibioticum).
